Nieuws
Augustus
2011
BTW-correctie auto van de zaak
Recentelijk is er een uitspraak geweest van de Rechtbank
in Haarlem over de btw-correctie voor het privégebruik
van de auto van de zaak. Hiermee kwam de gehele correctie op losse
schroeven te staan. Meteen na de uitspraak is nieuwe wetgeving
aangekondigd om dit probleem op te lossen.
Vanaf 1 juli is de correctie op de btw voor het privégebruik
niet meer gekoppeld aan het bijtellingspercentage voor de loon-
en inkomstenbelasting. De btw-correctie is voortaan forfaitair
vastgesteld op 2.7% van de catalogusprijs inclusief BTW en BPM.
Zoals bij de oude regelgeving dient deze correctie in het laatste
btw tijdvak van het jaar plaats te vinden.
De loskoppeling van het bijtellingspercentage heeft negatieve
gevolgen voor de zuinige auto’s die onder het 14% en 20%
regime vallen. De btw correctie zal iets hoger zijn dan voorheen
waar de correctie uitkwam op (12%x14%) 1% en (12%x20%) 2%. Relatief
onzuinige auto’s die onder het 25% regime vallen, komen
iets gunstiger uit dan onder de oude regelgeving (was 3%).
Het is nu alleen nog de vraag hoe de Belastingdienst zal omgaan
met de periode van 1 januari tot 1 juli. Dit hangt ook mede af
van de uitkomst van het hoger beroep dat de Belastingdienst heeft
ingesteld.
naar
boven

April
2011
Huisvesting ZZP-er
De overheid
bemoeit zich nadrukkelijk met hypotheekconstructies. Ondernemers
die vanuit hun eigen huis werken moeten mogelijk op zoek naar
alternatieven om hun huisvestingkosten fiscaal te kunnen blijven
optimaliseren.
Zoals het
er nu voorstaat, kunnen met ingang van 1 augustus a.s. geen nieuwe
volledig aflossingsvrije hypotheken meer worden afgesloten. Het
aflossingsvrij deel mag dan maximaal de helft van de waarde zijn.
Het gevolg kan zijn dat ondernemers die vanuit hun eigen huis
werken (zzp-ers) mogelijk over minder liquiditeit kunnen beschikken
omdat er naast rente ook aflossingen betaald moeten worden. En
die aflossingen zijn niet fiscaal aftrekbaar. Voor deze zzp-ers
zou het wellicht aantrekkelijk kunnen worden te gaan huren.
De regels
van zelfstandige werkruimte (aparte ingang, eigen sanitair, verhuurbaar
aan derden) zijn helder. Een evenredig deel van de huisvestingskosten
mag worden afgetrokken.
Bij een onzelfstandige
werkruimte, bijvoorbeeld een kamer of zolder ligt het wat anders.
Wanneer het zakelijk gebruik van de woning aanzienlijk is (bij
25% is daar al sprake van), mogen alle huisvestingskosten worden
afgetrokken (huurlasten, energie, verzekeringen etc.). Wel dient
er dan een bijtelling vanwege privégebruik plaats te vinden.
De bijtelling is doorgaans 1.35% van de WOZ-waarde voor het hele
pand. In bijna alle gevallen ontstaat op deze manier een fiscale
aftrekpost die voor liquiditeitsruimte kan zorgen.
De
keuze om het huurrecht op de ondernemingsbalans te zetten kan
in beginsel alleen bij aangaan van de huurovereenkomst gemaakt
worden tenzij er sprake is van een bijzondere omstandigheid.
naar
boven

Maart
2011
Grote BTW teruggaaf? Informeer de belastingdienst vooraf.
Periodiek
doet u aangifte voor de BTW. Aan de hand van die aangifte moet
u BTW afdragen of krijgt u terug. Normaal gesproken is er een
bepaald patroon in uw aangiften. De te betalen of te ontvangen
BTW bevindt zich tussen een bepaalde bandbreedte.
Bij
grote investeringen in bedrijfsmiddelen of onroerend goed, wilt
u de betaalde BTW natuurlijk zo snel mogelijk weer terug ontvangen,
het gaat dan immers om forse bedragen. Echter bij de aangifte
zal het terug te vragen bedrag buiten de bandbreedte vallen waardoor
de aangifte niet automatisch verwerkt zal worden maar op het bureau
van de inspecteur belandt. De inspecteur zal vervolgens schriftelijk
verzoeken om bewijsmateriaal in de vorm van aankoopnota’s,
waarna dat vervolgens beoordeeld moet worden en waarna het sein
tot teruggaaf eindelijk op groen gaat. Dit heeft natuurlijk een
aantal weken vertraging tot gevolg.
Om
vertraging te voorkomen, kunt u op eigen initiatief in de maand
waarop u investeert reeds contact zoeken met de inspecteur van
het kantoor waar u onder valt om hem of haar op de hoogte te brengen
en alle relevante stukken opsturen. In de praktijk wordt uw aangifte
nog steeds niet automatisch verwerkt, maar zal de fiattering door
de inspecteur een stuk vlotter verlopen doordat hij of zij de
aangifte herkent. Uiteraard dient u dan wel over een correcte
BTW facturen te beschikken.
naar
boven
Januari
2011
Wijziging partnerbegrip per 1 januari 2011
Per 1 januari 2011 worden er wijzigingen doorgevoerd
aan het fiscaal partnerschap. Onder de huidige regeling kunt u,
wanneer u aan bepaalde voorwaarden voldoet, zelf kiezen voor fiscaal
partnerschap of niet. In de nieuwe regeling vervalt die keuze
en bepaalt de feitelijke situatie of u fiscaal partner bent of
niet.
Als uitgangspunt geldt dat gehuwden, geregistreerd partners en
ongehuwd samenwonenden met een notariële samenlevingsovereenkomst
automatisch fiscaal partner zijn en dat voor anderen de keuzemogelijkheid
in beginsel vervalt.
De wijziging zal gelden voor de Algemene wet inzake rijksbelastingen,
de Wet inkomstenbelasting 2001, de Successiewet en de Algemene
wet inkomensafhankelijke regelingen. Voor de Successiewet is daarnaast
aanvullend bepaald dat met ingang van 1 januari 2011 ongehuwd
samenwonenden als partners worden aangemerkt als zij langer dan
vijf jaar op hetzelfde woonadres staan ingeschreven in de gemeentelijke
basisadministratie, daarbij maakt het niet uit of zij al dan niet
een notarieel samenlevingscontract zijn aangegaan.
In afwijking van het algemene partnerbegrip kan voor de Successiewet
niet worden gekozen voor de kwalificatie van partner voor het
gehele jaar indien slechts een deel van het jaar sprake is van
fiscaal partnerschap. Het partnerschap van gehuwden eindigt voor
die wet daarnaast pas als de scheiding door de rechter is uitgesproken
en deze uitspraak is ingeschreven in de registers van de burgerlijke
stand.
naar
boven
September
2010
BTW-aftrek
privéauto
Wanneer
u als IB-ondernemer besluit de privéauto ook zakelijk te
gebruiken, dan mag u voor alle ritten de bekende € 0,19 per
kilometer als autokosten opvoeren. De werkelijke autokosten zoals
onderhoud, brandstof, verzekering en wegenbelasting zijn niet
aftrekbaar van de winst. Maar er zijn wél aftrekmogelijkheden
voor wat betreft de BTW van de autokosten.
BTW
op gebruiks- en onderhoudskosten is naar aftrekbaar voor zover
u de auto gebruikt voor BTW-belaste ondernemersactiviteiten. De
zakelijke ritten blijken uit een kilometeradministratie en de
BTW is naar rato aftrekbaar. Wanneer er geen kilometeradministratie
is, mag u 75% van de BTW op het totaal gebruiks- en onderhoudskosten
als voorbelasting opvoeren. Dat geldt dus ook voor de kosten van
privéritten! Wanneer u vermoedt dat u met de privéauto
hoofdzakelijk zakelijk rijdt, of in ieder geval meer dan 75%,
is het uiteraard verstandig wél een kilometeradministratie
bij te houden zodat u meer dan 75% van de BTW kunt aftrekken.
Soms
kunt u alsnog besluiten de privéauto over te hevelen naar
de zaak. Maar over het algemeen is dit niet zo voordelig en bovendien
kunt u de BTW die bij aankoop van de auto is betaalt dan niet
alsnog in aftrek brengen.
naar
boven
Augustus
2010
Kwartaalaangifte BTW ook in 2011
Ondernemers kunnen in 2011 ook kiezen of ze hun
BTW-aangifte per maand of kwartaal doen. Demissionair Minister
de Jager heeft dat besloten.
Of u BTW- aangifte per maand of kwartaal moet
doen was voor 2009 afhankelijk van het gemiddeld af te dragen
BTW bedrag waarbij de grens lag op een af te dragen BTW bedrag
van €15.000 per kwartaal. Sinds 2009 is deze grens komen
te vervallen en is het mogelijk om de BTW aangifte voor uw onderneming
per kwartaal te doen, eind 2010 zou deze tijdelijke crisismaatregel
komen te vervallen, maar vanwege het succes wordt de regeling
met een jaar verlengd.
De kwartaalaangifte betekent een liquiditeitsimpuls
voor het bedrijfsleven van enkele miljarden euro’s. De Jager:”Samen
zijn de ondernemers die per kwartaal aangifte doen goed voor 90%
van het totaal aan BTW inkomsten. Dit hoge percentage bewijst
het succes, voor 2009 was dit slechts 5%”.
Toch
is kwartaalaangifte niet per definitie gunstiger voor u als ondernemer.
Als u meestal BTW teruggevraagd of op korte termijn grote investeringen
gaat doen, kunt u beter per maand aangifte blijven doen.
naar
boven
Juni
2010
VAR verklaring, wat is dat nu eigenlijk?
De VAR is een Verklaring ArbeidsRelatie. Het is een document waarin
de belastingdienst de status als zelfstandige vermeld. Een ZZP’er,
freelancer of zelfstandig ondernemer is voor de belastingdienst
overigens hetzelfde. Een VAR verklaring is niet verplicht! Vaak
wordt door opdrachtgevers wel gevraagd om een VAR verklaring.
Er zijn 4 verschillende modellen. VAR WUO (winst
uit onderneming), VAR ROW (resultaat overige werkzaamheden), VAR
Loon en VAR DGA. Middels een aanvraagformulier met daarop een
aantal vragen kunt u een VAR aanvragen. De belastingdienst beoordeelt
op basis van de gegeven antwoorden welke VAR aan u afgegeven wordt.
In het geval van VAR WUO en VAR DGA, ziet de belastingdienst
u als 100% ondernemer (met alle daarbij behorende rechten en plichten)
en is uw opdrachtgever gevrijwaard van mogelijke aanspraken ten
aanzien van loonbelasting en sociale premies.
In het geval van VAR ROW en VAR loon moet de opdrachtgever
zelf toetsen of er wel of niet sprake is van een (fictieve) dienstbetrekking
en of er daarbij loonbelasting en sociale premies afgedragen dienen
te worden. Bij twijfel of er sprake is van een (fictieve) dienstbetrekking
kan de opdrachtgever de bleastingdienst om een uitspraak vragen.
Als opdrachtnemer kunt u UWV om een uitspraak vragen. De belastingdienst
kan achteraf toch een (fictieve) dienstbetrekking constateren,
wat uiteraard ook gevolgen heeft voor uw opdrachtgever ten aanzien
van loonbelasting en sociale premies.
naar
boven
Mei
2010
50% regel
Onderstaan bericht handelt over het urencriterium van 1225 om
in aanmerking te komen voor bijvoorbeeld de zelfstandigenaftrek.
Naast, of beter als aanvulling, op dit uren criterium bestaat
er ook de 50% regel. Deze regel houdt in dat wanneer u hybride
ondernemer bent, dus daarnaast ook nog in loondienst, voor ten
minste 50% van de totaal gewerkte uren in loondienst en als zelfstandige
samen, in de onderneming actief bent. U dient dus aan beide voorwaarden
te voldoen! Praktisch betekent dit dat u bij een loonbetrekking
van 30 uur per week ook tenminste 30 uur per week als ondernemer
werkt. Het kan dus voorkomen dat u wél voldoet aan het
urencriterium, maar níet aan de 50% regel. Is dit het geval,
dan kunt u dus ook geen gebruik maken van de fiscale ondernemersfaciliteiten.
Om ondernemen te stimuleren geldt deze 50% regel
niet voor startende ondernemingen. Hiermee kunnen starters die
vanuit een dienstbetrekking graag de stap maken naar zelfstandig
ondernemerschap, de eerste 3 jaar van hun onderneming makkelijker
combineren met hun (af te bouwen) baan. Er moet nog wel voldaan
worden aan de 1225 uur eis.
Overigens
kan een hybride of deeltijdondernemer in belastingjaar 2010 wel
zonder meer gebruik maken van de MKB winstvrijstelling. Als maatregel
om de economie te stimuleren, is het urencriterium en daarmee
ook de 50% eis komen te vervallen voor deze aftrekpost/vrijstelling.
naar
boven
April
2010
Versoepeling urencriterium ZZP’er.
Het zelfstandig
ondernemerschap brengt een aantal interessante fiscale aftrekposten
met zich mee. Aan de meeste van deze aftrekposten zitten logischerwijs
wel voorwaarden verbonden. Één van die voorwaarden
die bij de meeste wel bekend is, is het urencriterium. Dit criterium
houdt onder andere in dat, om in aanmerking te komen voor bijvoorbeeld
zelfstandigen aftrek, er minimaal 1225 uur aan werkzaamheden wordt
besteed aan de onderneming.
Onlangs bracht
demissionair minister De Jager in het nieuws dat het 1225 uur
criterium voor ZZP’ers versoepeld werd, hij stelde dat nu
ook bijvoorbeeld uren voor scholing en administratie t.b.v. de
eigen onderneming meegerekend mogen worden. Een sigaar uit eigen
doos, jurisprudentie toont aan dat dit al het geval was!
Nuancering
vanuit de belastingdienst brengt dat er toch wel degelijk versoepeld
wordt. Zoals de belastingdienst het stelt: “Bij de beoordeling
van de aannemelijkheid van het aantal bestede uren aan de hiervoor
genoemde activiteiten, zullen de inspecteurs voor de jaren 2009
en 2010 in geval van mogelijke twijfel enige soepelheid betrachten”.
Concreet
betekent dit dat de bewijslast voor niet-declarabele uren besteed
aan bijvoorbeeld acquisitie, het opzetten van de onderneming,
zelf ontwerpen van de eigen website, e.d. versoepeld wordt. Belangrijk,
zeker voor starters, want juist voor dergelijke
naar
boven
November
2009
Belastingplan 2010
De vaste Kamercommissie
voor Financiën behandelt begin deze maand het Belastingplan
2010. De maatregelen in het plan zijn vooral gericht op meer en
makkelijker ondernemen. Hieronder enkele belangrijke punten uit
het plan.
Laag
BTW tarief uitgebreid
Vanaf volgend jaar vallen ook de volgende categorieën onder
het lage BTW tarief van 6%
- Schilder en stucadoors werkzaamheden van huizen die 2 jaar of
ouder zijn (nu 15 jaar)
- Schoonmaakwerkzaamheden bij particulieren
- Digitaal educatief materiaal, via fysieke drager zoals CD, DVD,
luisterboeken
- Vervoer per tuktuk, motor- en fietstaxi
Verhoging
MKB winstvrijstelling
Staatssecretaris De Jager verhoogt de MKB-winstvrijstelling van
10,5% naar 12%. Het verhogen van deze vrijstelling verlaagt de
marginale belastingdruk op behaalde winst. Bij een winst na toepassing
van de ondernemersaftrek van bijvoorbeeld € 50.000 is vanaf
1 januari 2010 de eerste € 6.000 vrijgesteld (was €
5.250).
Voor de winstvrijstelling geldt nu nog de voorwaarde dat wordt
voldaan aan het urencriterium, een ondernemer moet minimaal 1225
uur ondernemen om voor de vrijstelling in aanmerking te komen.
Deze voorwaarde vervalt. Voortaan bestaat dus recht op de MKB-winstvrijstelling
ongeacht het aantal uren dat aan een onderneming wordt besteed.
Hybride ondernemers (mensen die naast een baan een onderneming
hebben) en deeltijdondernemers (zonder baan ernaast) kunnen daardoor
ook gebruik maken van de winstvrijstelling. Door het afschaffen
van het urencriterium wordt het aantrekkelijker om een onderneming
te starten in deeltijd of naast een baan. De maatregel past daarmee
in het kabinetsbeleid om de overgang van een uitkering of van
een baan naar ondernemerschap makkelijker te maken.
Verlenging
versnelde mogelijkheid tot afschrijving
De tijdelijke regeling voor versnelde afschrijving wordt verlengd.
Voor investeringen in bedrijfsmiddelen in 2009 was versnelde afschrijving
al mogelijk. De Jager verlengt deze maatregel met 1 jaar. Dit
betekent dat ook investeringen die gedaan zijn in 2010 in 2 jaar
kunnen worden afgeschreven. (maximaal 50% in 2010 en maximaal
50% in 2011).
Vereenvoudiging
bijleenregeling eigen woning
De bijleenregeling wordt op 3 punten vereenvoudigd:
Termijn eigenwoningreserve
van 5 naar 3 jaar
De eigenwoningreserve ontstaat uit de overwaarde als de (oude)
woning wordt verkocht en de verkoopopbrengst meer is dan de eigenwoningschuld
van die (oude) woning. De vijfjaarstermijn houdt in dat de eigenwoningreserve
tot vijf jaar na verkoop van de woning fiscaal relevant blijft.
Zowel de burger als de Belastingdienst moeten hier vijf jaar rekening
mee houden. Deze termijn wordt bekort tot drie jaar.
Uitbreiden
renteaftrek meegefinancierde kosten
Starters op de woningmarkt mogen de rente aftrekken over de lening
die is aangegaan om bepaalde kosten te betalen die samenhangen
met de hypotheek, zoals afsluitprovisie, notariskosten en taxatiekosten.
Doorstromers (dat zijn kopers die een andere woning zoeken en
een lege woning achterlaten voor een ander) mochten de rente over
deze kosten niet meer aftrekken. Die ongelijkheid vervalt nu door
ook doorstromers renteaftrek te geven over een lening voor kosten
voor de hypotheek.
Afschaffen
goedkoperwonenregeling
De goedkoperwonenregeling is een complexe uitzondering op de bijleenregeling
die geldt bij verhuizen naar een goedkoper huis. Bij verhuizen
geldt als hoofdregel dat voor het nieuwe huis geen renteaftrek
mogelijk is tot het bedrag van de overwaarde die is behaald bij
de verkoop van het oude huis. Die regel gold niet bij verhuizing
naar een goedkoper huis. In de
uitvoering is de regeling dermate complex gebleken (ook vanwege
de mogelijke samenloop met andere uitzonderingen) dat is besloten
om voortaan ook bij verhuizing naar een goedkopere woning de hoofdregel
te volgen.
naar
boven

Oktober
2009
Bijtelling Youngtimer
Het
nieuwe wetsvoorstel waarbij bijtelling over auto’s van 15
tot 25 jaar oud over de cataloguswaarde in plaats van de economische-/dagwaarde
zou moeten worden betaald is van de baan. Inspanningen van ondernemer
Wouter van Embden, die de protestsite www.bijtellingyoungtimer.nl
opzette, heeft ChristenUnie-kamerlid Cramer zijn plannen doen
herzien. Daarmee kunnen youngtimer bezitters weer rustig ademhalen.
Wanneer de belasting over hun auto’s voortaan over de cataloguswaarde
zou worden berekend, zouden bezitters van deze doorgaans ooit
zeer prijzige auto’s, honderden euro’s per maand meer
gaan betalen. Een nieuw voorstel, waarbij het bijtellingspercentage
voor deze auto’s op 35% over de dagwaarde komt, wordt 19
november behandeld.
naar
boven
September
2008
BTW en faillissement opdrachtgever
Veel
ondernemers hebben hier wel eens mee te maken gehad. Hard gewerkt
om een opdracht af te ronden en dan blijkt de opdrachtgever failliet.
Geen geld en vervolgens de verplichting bewijs te verzamelen omtrent
het faillissement en een speciaal verzoek aan de Belastingdienst
voor teruggaaf van de eerder voldane BTW.
Het
kan ook anders en makkelijker, wanneer u er zeker van bent dat
het factuurbedrag in zijn geheel niet invorderbaar is, kunt u
uw oprdrachtgever laten weten dat u van de invordering afziet.
Dit kan middels een creditfactuur aan de opdrachtgever (of curator),
waarin u aangeeft van de invordering af te zien. In het geval
de vordering wordt prijsgegeven ontstaat recht op teruggaaf in
hetzelfde tijdvak waarin de creditfactuur gedateerd is. Het verzoek
om teruggaaf kan dan gewoon meegenomen worden met de elektronische
aangifte BTW.
naar
boven

Mei
2008
Bestelauto en bijtelling voor prive-gebruik
Als
u ondernemer bent voor de omzetbelasting, dan hoeft u voor een
bestelauto geen BPM te betalen. Als u of uw werknemer de bestelauto
ook voor prive-doeleinden gebruikt moet u of uw werknemer desondanks
de 25% bijtelling berekenen over de cataloguswaarde inclusief
BPM. Op het kenteken van de bestelauto wordt wel een BPM-bedrag
vermeld, zodat u de grondslag van de bijtellinge eenvoudig kunt
vaststellen.
De wet is in de afgelopen jaren een aantal keren gewijzigd. Een
gevolg daarvan is dat het bovenstaande geldt voor bestelauto's
waarvan het kenteken op of na 1 juli 2005 is afgegeven. Voor bestelauto's
met een kenteken van voor deze datum is de grondslag voor bijtelling
exclusief BPM.
naar
boven

Oktober
2007
Nieuwe regels onderhanden werk
Met
ingang van 1 januari 2007 zijn de waarderingsregels voor onderhanden
werk gewijzigd. Voortaan dient ‘voortschrijdend winst’
te worden genomen. Voor onder andere bedrijven in de bouw en infrastructuur,
de installatiesector, de scheepsbouw en de vrije beroepsbeoefenaren
kan dit een fors bedrag aan extra belasting over 2007 tot gevolg
hebben
Onderhanden werk moet voortaan gewaardeerd worden op het gedeelte
van de overeengekomen vergoeding dat overeenkomt met de stand
van het onderhanden werk of de onderhanden opdrachten per balansdatum
(voortschrijdende winst). Voorheen was het mogelijk om de winst
pas te verantwoorden bij oplevering van het werk of bij voltooiing
van de opdracht. Dit betekend dat naast de direct toerekenbare
kosten nu ook het constante deel van de algemene kosten en een
winstaandeel moeten worden geactiveerd. De tussentijdse winst
is redelijk eenvoudig vast te stellen omdat vrijwel alle bedrijven
met langlopende projecten voor-, tussentijdse en nacalculaties
maken.
Werkt u aan een project dat reeds in 2006 is gestart en pas in
2008 afgerond wordt, dan moet u in een keer de winst over 2006
en 2007 op het project in uw resultatenrekening tot uitdrukking
laten komen.
Het is nog wel mogelijk om een voorziening te vormen als een project
verliesgevend is of dreigt te worden.
naar
boven

september
2007
Eisen aan aftrek BTW benzine bonnen
De
Belastingdienst toont een steeds grotere belangstelling voor de
BTW op brandstof. Veel ondernemers betalen de brandstof contant
maar de Belastingdienst stelt als eis dat de brandstof traceerbaar
door of namens een bedrijf is betaald. In de praktijk betekend
dit dat bij een contante betaling van de brandstof, zonder dat
op de bon specifiek de gegevens van de afnemende ondernemer vermeld
staan, BTW niet aftrekbaar is. Dit kan ondervangen worden door
bij contante betaling een factuur met uw betreffende NAW gegevens
te vragen, maar makkelijker is om met “plastic” te
betalen. Immers, door pin, credit card of tank card is de betaling
en afname van de brandstof makkelijk traceerbaar.
naar
boven
juni
2007
Uitbreiding regeling bedrijfsfitness
Een
werknemer die gezond van lijf en leden is, presteert beter en
gaat langer mee. Vanuit dat oogpunt is de bedrijfsfitnessregeling
ontstaan. Inmiddels is de regeling met terugwerkende kracht tot
1 januari 2007 uitgebreid. U heeft nu drie mogelijkheden voor
de plaats waar uw werknemers kunnen bedrijfsfitnessen:
1.
in de vestiging van uw bedrijf. Het maakt dan niet uit of de werknemer
al dan niet op de betreffende vestiging werkt.
2. in een door u voor al uw werknemers aan te geven fitnesscentrum.
3. in elke vestiging van het fitnessbedrijf waarmee u een overeenkomst
voor (nagenoeg) al uw medewerkers heeft gesloten.
Als
u meerdere vestigingen heeft, dan gelden de mogelijkheden 2 en
3 per vestiging omdat het praktisch niet haalbaar is om voor alle
werknemers eenzelfde regeling te laten gelden.
Dit kan met name afhankelijk zijn van de ligging van een vestiging.
Het is ook toegestaan dat u voor de ene vestiging wel een regeling
heeft en voor een andere vestiging niet.
In dit kader wordt de arbeidsplaats van een thuiswerker niet als
“een vestiging van de werkgever” aangemerkt, anders
zou sprake kunnen zijn van individuele fitness. Dat betekent overigens
niet dat thuiswerkers niet aan een regeling deel kunnen nemen.
Zij kunnen op dezelfde manier deelnemen als de werknemers die
op het bedrijf werken.
naar
boven
april
2007
Perfect Partners steunt MINI's voor KIKA
Zondag
22 april organiseert de New Mini Club de toertocht MINI's voor
KIKA. De gehele dag staat in het teken van het goede doel Kinderen
Kankervrij, die zich inzet voor het werven van fondsen voor vernieuwend
onderzoek en andere activiteiten op het gebied van kinderkanker,
gericht op minder pijn, strijd, meer genezing en kwaliteit. Vanuit
het hele land zullen meer dan 100 MINI's samen komen om zoveel
mogelijk geld in te zamelen voor dit goede doel. Diverse bedrijven,
waaronder ook wij van Perfect Partners Alphen a/d Rijn, ondersteunen
deze actie. We vinden dit een fantastisch initiatief van de New
Mini Club en zijn blij daaraan een bijdrage te kunnen leveren.
Uiteraard hopen we op een zeer grote opbrengst! Wilt u zelf ook
een bijdrage leveren? Klik op de onderstaande links van de New
Mini Club of KIKA voor meer informatie.
Website
MINI's voor KIKA
Website
KIKA
naar
boven

maart
2007
Aandeelhoudersovereenkomst onderschat
Iedereen
zal het er over eens zijn dat de afspraken bij een samenwerking
duidelijk moeten zijn geformuleerd en vastgelegd. Wanneer u in
een BV of NV gaat werken, alleen of met meerderen, worden de calamiteiten
in de statuten geregeld, dus aanvullende afspraken zijn niet nodig.
Wanneer u wel werkafspraken maakt, ziet u de noodzaak niet direct
om deze schriftelijk vast te leggen.
Dit is nu precies wat u wel moet doen. Doet u dit niet dan kan
het ontbreken van duidelijkheid vooraf zorgen voor geschillen.
Hoe luiden bijvoorbeeld uw afspraken wanneer een van de medeondernemers
arbeidsongeschikt raakt of overlijdt? En binnen welke termijn
moeten de aandelen worden verkocht en tegen welke waarde? Mag
u alleen of na gezamenlijk overleg personeel aannemen? Wat spreekt
u af over de hoogte van de directeursbeloningen en de verdeling
van de winst? Wanneer u hierover niet vooraf duidelijkheid hebt,
komt het maar al te vaak voor dat u er later bij zakelijke problemen
niet meer gezamenlijk uitkomt. Immers in de loop der jaren ontstaan
, verdwijnen of wijzigen mondelinge afspraken of worden ze door
directieleden verschillend uitgelegd.
Werkafspraken kunnen zowel in de statuten als in de aandeelhoudersovereenkomst
worden opgenomen, maar wanneer zij in strijd met elkaar zijn,
zullen de statuten prevaleren. Bovendien moeten werkafspraken,
die u in de statuten wilt aanpassen, altijd door een notaris bekrachtigd
worden. Daarom is het veel praktischer de afspraken alleen vast
te leggen in een onderhandse overeenkomst
Een langdurige en succesvolle zakelijke samenwerking begint dan
ook bij vooraf gemaakte werkafspraken c.q. aandeelhoudersovereenkomst.
naar
boven

december 2006
Voorkom missers in de BTW
De
belastingdienst weet uit ervaring op welke punten de aangifte
omzetbelasting over het algemeen mank gaat. Bij een boekenonderzoek
worden er dan ook altijd fouten gevonden. Een van de belangrijkste
punten bij een controle is of de aangifte omzetbelasting aansluit
bij uw winst- en verliesrekening. Andere favoriete punten van
de inspecteur bespreken wij in dit artikel.
Wanneer u uw personeel eten, drinken, kerstpakket of een auto
van de zaak ter beschikking stelt, kunt u te maken krijgen met
de zogenaamde Besluit Uitsluiting Aftrek (BUA) – regeling.
Deze regeling corrigeert de BTW over verstrekkingen en vergoedingen
aan uw personeel die u in eerste instantie volledig heeft afgetrokken.
Als er meer dan € 227 per werknemer is uitgegeven krijgt
u hiermee te maken. De genoemde drempel wordt vrijwel altijd overschreden
als er een auto in het spel is. Houdt u er ook rekening mee dat
wordt gekeken op welke dag de kosten zijn gemaakt.
De BTW op de buitenlandse brandstofbonnen zal meestal ook extra
aandacht van de inspecteur krijgen. Vaak wordt deze BTW als Nederlandse
voorheffing verwerkt, wat niet juist is. Buitenlandse omzetbelasting
vraagt u terug met een daarvoor bestemd formulier, uiterlijk vóór
1 juli van het jaar dat volgt op het jaar waarin de kosten zijn
gemaakt, bij de belastingdienst van het land waarin de BTW is
betaald.
Wanneer u als DGA of IB ondernemer een auto op de balans van uw
onderneming heeft opgenomen, zult u meestal alle in rekening gebrachte
BTW van de aanschaf, de brandstof en het onderhoud in aftrek brengen.
In de laatste aangifte van het jaar doet u een bijtelling over
het privé-gebruik van de auto. De correctie bedraagt 12%
x de cataloguswaarde x het bijtellingpercentage. De bijtelling
kan niet hoger zijn dan de werkelijk gemaakte autokosten in dat
jaar.
naar
boven
oktober
2006
Beperking verliesverrekening
Volgens
de Wet inkomstenbelasting 2001 kunnen verliezen alleen met inkomens
uit dezelfde box verrekend worden. Een verlies kunt u verrekenen
met inkomsten uit de drie voorafgaande jaren en noemt men carry
back. Blijft er daarna nog een verrekenbaar verlies over, dan
kunt u dit verlies verrekenen met toekomstige winsten en noemt
men carry forward. Alleen in box 1 en box 2 kunnen te verrekenen
verliezen ontstaan. Gaat het om verliezen uit uw inkomstenbelastingonderneming,
dan zijn deze verliezen onbeperkt verrekenbaar met toekomstige
winsten. Eerst worden de gewone verliezen verrekend, daarna de
ondernemingsverliezen.
Met de Nota Werken aan winst staan er voor de huidige verliesverrekening
belangrijke wijzigen op stapel. Bij achterwaartse verliesverrekening
voor B.V.’s en aanmerkelijkbelanghouders wordt de huidige
termijn van drie jaar beperkt tot één jaar. Deze
beperking geldt niet voor ondernemingswinsten belast in de inkomstenbelasting.
Deze termijn blijft drie jaar. De huidige onbeperkte voorwaartse
verliesverrekening wordt straks beperkt tot negen jaar. Dit gaat
zowel gelden voor de vennootschapsbelasting als de inkomstenbelasting.
Voor nog niet verrekende verliezen van vóór 2002
of eerder wordt een overgangsregeling getroffen. Deze verliezen
blijven verrekenbaar tot en met 2011.
naar
boven

|